Feiten en cijfers

Het huidige en toekomstige tekort aan technici vormt een belemmering voor de kenniseconomie en de ontwikkeling van het Nederlandse technische bedrijfsleven. De regionale economie vraagt om innovatie om te kunnen blijven bloeien. En innovatie vraagt om een hardwerkende beroepsbevolking met de juiste achtergrond.  Er is echter in Rivierenland in het bedrijfsleven en de groene sector op alle niveaus een gebrek aan mensen met een technische achtergrond.  De dalende in- en uitstroom in het technische onderwijs enerzijds en de hogere vervangingsvraag door de uitstroom van babyboomers anderzijds leiden tot een toenemende vraag naar gekwalificeerde technici. De slagkracht van de regionale economie is gebaat bij een structurele gemeenschappelijke aanpak door de drie O’s: overheden, onderwijs en ondernemers.

Pendelstroom
In Rivierenland is sprake van een per saldo uitgaande pendelstroom. Dit betekent dat er meer mensen die hier woonachtig zijn in andere regio's werken, dan dat er mensen die elders woonachtig zijn hier komen werken. Dit verkleint dus het aanbod in Rivierenland. In Rivierenland is het negatieve pendelsaldo rond de 5.000 werkzame personen.

Vervangingsvraag
Tevens  blijkt dat de vervangingsvraag een stuk groter is dan de uitbreidingsvraag. De uitbreidingsvraag is echter variabeler en moeilijker te voorspellen. Door de huidige grimmige economische situatie is toe- of afname niet te berekenen. Het aanbod van arbeidskrachten is onvoldoende om de vacatures in 2015 in te vullen. De verwachting is dat de economische krimp in beide sectoren zal toenemen, waardoor een deel van de uitbreidingsvraag af zal nemen. Indien de economie weer aantrekt, dan ontstaat er echter direct een groot tekort aan voldoende en gekwalificeerd personeel met een aantal ingrijpende gevolgen.

Relatief gezien is de vervangingsvraag in Rivierenland hoog. In deze regio moet tot 2020 20 procent, van de werkzame beroepsbevolking worden vervangen door nieuw personeel. De vergrijzing treedt in versterkte mate op, waardoor veel uitstroom als gevolg van pensionering plaatsvindt.

Agrarische beroepsgroepen
De agrarische beroepsgroepen zijn sterk vergrijsd. Afhankelijk van de regio gaat hier zo'n 30 tot 40 procent van de werkzame beroepsbevolking met pensioen. Een deel van deze uitstroom hoeft niet te worden opgevangen, aangezien de land- en tuinbouw kampt met een sterke structurele krimp van de werkgelegenheid. Toch is er hier nog sprake van een niet-verwaarloosbare vervangingsvraag van bijna 3.000 arbeidskrachten, bijna uitsluitend op lager en middelbaar niveau.

Technische beroepsgroepen
In de technische beroepen is ook sprake van een krimpende werkgelegenheid, waardoor een deel van de uitstroom als gevolg van pensionering niet hoeft te worden opgevangen. Op middelbaar niveau is de vervangingsvraag nog het hoogst: in elke regio moet ongeveer 30 procent van de werkenden worden vervangen. Op de andere niveaus ligt dit percentage rond de 20 procent.

Meer weten? Bekijk het rapport ‘De noodzaak om bruggen te bouwen; Arbeidsmarktanalyse Technische en Groene sector in Rivierenland’